Wees niet al te parmantig

Onlangs verscheen onderstaande column in de Nieuwe Koers

Ik ga u een bekentenis doen. Ik wist even niet waar ik dit keer een column over schrijven moest. Het ene idee na het andere kwam voorbij. Over al die issues zou iets kritisch en/of zinnigs te zeggen zijn, maar ik had niet de overtuiging daarmee iets nieuws zeggen. Soms lijkt het alsof alles al gezegd is en voelt het nogal zinloos de zoveelste duit in de zak te doen. Het had ongetwijfeld ook te maken met het feit dat ik werd geconfronteerd met een paar heftige persoonlijke issues van plotseling overlijden en ernstige ziekte in familie en gezin, waardoor alle andere topics werden gerelativeerd.

Intussen gaf het me spontaan te denken. De ervaringswijsheid van de Prediker drong zich aan mij op. De man was goed beschouwd een ‘columnschrijver’ bij uitstek. Observeerde het leven van alle kanten, registreerde wat zich daar voordeed, om vervolgens keer op keer zijn punt te maken: prikkelend en uitdagend. Zijn ‘columns’ waren van zo’n kwaliteit dat ze een plaats kregen in de canon (nota bene!) en zijn tot op de dag van vandaag het lezen méér dan waard. Apart genoeg is juist hij het echter die, ondanks zijn tomeloze drive om ons wijzer te maken, opmerkt dat ook deze bezigheid per saldo ‘vermoeiend’ is en ‘najagen van wind’. Nogal relatief dus. Het ‘laatste’ woord wordt zomaar ingehaald door een ‘later’ woord. Bovendien vraagt hij zich geregeld af in hoeverre dat wat hij te berde brengt zoden aan de dijk zet. Wie en wat wordt er beter van? Ik herkende zijn aarzelende wijsheid. Met een variatie op zijn stijl is er reden om tegen elkaar te zeggen: Wees niet al te parmantig! Want eerlijk is eerlijk: zelfs in het beste geval – dus als een column breed triggert en veel geliked wordt – is de impact op langere termijn nihil. Waarom dan toch al die moeite steeds weer gedaan? Alleen om lezers te gerieven met een tegendraadse gedachte? Maar wordt ook dat op een gegeven moment geen zinloos tijdverdrijf?

Ben ik nu aan het somberen? Of is het eenvoudig eerlijk onder ogen zien dat ook deze boeiende bezigheid zijn eigen betrekkelijkheid heeft? Met de Prediker kies ik voor het laatste. Is daar alles mee gezegd? Nee. Volgens de Prediker blijft desondanks zoeken naar inzicht nuttiger dan het nalaten. De columnschrijvers mogen dus blijven! Al was het maar om mensen van hoog tot laag met beide benen op de grond te houden, al te grote dromen door te prikken en te grove dwaasheid aan de kaak te stellen. En verder? Elke keer als de Prediker niet weet wat hij van alles wat zich onder de zon voordoet denken moet, raakt hij al dieper overtuigd dat er maar één ding is wat er toe doet: vrees God, doe je werk goed en geniet met volle teugen. Precies zoals ooit was bedoeld. Wijzer kun je het niet krijgen. Daar kun je mee vooruit, nu de vakanties weer ten einde lopen.

Paul Visser