Het lef van christelijke partijen

Vier jaar geleden schreef ik vlak voor de verkiezingen een column onder de titel De ellende van christelijke partijen. Ik betoogde daar dat het etiket ‘christelijk’ onbedoeld vaak leidt tot een omgekeerd effect: seculiere partijen zetten bij voorbaat de hakken in het zand als er vanuit die hoek alleszins humane voorstellen worden gedaan, om maar niet vereenzelvigd te worden met die christelijke gekkigheid. De steen in de vijver gaf veel reuring en leverde nogal wat geprikkelde reacties op. Ondanks mijn ook uitgesproken waardering voor hun inzet, ervoeren de meeste christenpolitici het als een dolksteek in de rug. En dat van een dominee!

Tijden veranderen. Zonder af te doen wat wat ik toen schreef – helaas is het gesignaleerde fenomeen nog steeds geen verleden tijd – zeg ik nu toch iets anders: ze hebben wel lef. Zonder zich verder te veel te storen aan mijn mening – behalve dat zij hun heikele punten naar mijn idee net iets constructiever presenteren – ontwikkelen zij zich al meer tot uitblinkers in dwarse politiek. Met rechte rug en opgeheven hoofd ventileren zij op allerlei fora, dwars tegen gangbare trends in, al duidelijker waar zij voor staan. Verrast merk ik op dat er dankzij dit lef in de confrontatie met andere overtuigingen stiekemweg steeds breder wordt gedacht: wie is hier nu gek? Klasse!

Paul Visser

Deze column verscheen eerder opĀ https://www.protestants.amsterdam/specials/verkiezingen/3141-het-lef-van-christelijke-partijen-paul-visser.html