Akkoord en achterban

Afgelopen week verscheen in de Nieuwe Koers onderstaande column, die al eerder moest worden ingeleverd en (gelukkig!) precies aansluit bij de inmiddels geslaagde kabinetsformatie. 

AKKOORD EN ACHTERBAN

Hopelijk is er, als u dit leest, een nieuw kabinet gesmeed. Middenin de precaire onderhandelingen ontmoette ik Segers en Schouten. Het frisse christelijke duo dat aanvankelijk werd geweerd door het libertijns fundamentalisme van D66. Dat had iets van een seculiere toepassing van artikel 36 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis, waarmee de SGP zich al jaar en dag verdacht maakt als anti-democratische partij. Het kan verkeren! Omdat het uiteindelijk niet anders kon – Klaver haakte af, Roemer bleef bij zijn weigering en Asscher wilde niet – moest Pechtold toch met de CU-ers aan tafel. Zij reageerden er ‘christelijk’ op: met open vizier en zonder revanche. Het dwong gelijk breed respect af.

Voor wie gelooft, onderstreept deze gang van zaken dat God regeert. Tegelijk bleek en blijkt hoe die Godsregering werkt: veelal ongemerkt, door allerlei gedoe en gesteggel heen. Terwijl alle moeite werd gedaan Hem buiten de deur te houden, kwam Hij verrassend ‘achterom’. Het is niet nieuw, zo ging Hij al te werk ten tijde van Abraham: van de kaart geveegd, kreeg Hij in die ene man toch voet aan de grond. Tegelijk was het een nogal pietepeuterige actie. Niet iets waar de wereld gelijk van ondersteboven was of door veranderde. Niettemin zou het tot zegen worden voor alle volken. Intussen is gebleken dat deze Godsspraak geen grootspraak was.

Tijdens ons korte gesprek concludeerden we hoe fragmentarisch de zeggenschap van de Eeuwige zich sinds de zondeval voltrekt. Hij heeft in deze wereld meer niet te zeggen dan wel. Zo bleek ook heel concreet tijdens de onderhandelingen. Eenmaal aan tafel was het lang niet altijd eenvoudig om in de dynamiek van allerlei politieke krachten op overtuigende wijze ruimte te scheppen voor de gerechtigheid van Gods koninkrijk. In ons democratisch bestel van het poldermodel blijft het onontkoombaar een kwestie van geven en nemen. Wie daar niet mee leven kan, moet uit de politiek (uit de wereld, zei Paulus) gaan.

Een extra complicerende factor is dan echter de achterban, begreep ik. Met argusogen kijkt die toe hoeveel er door de onderhandelaars wordt ‘toegegeven’ om hen vervolgens daarop af te rekenen. Dit keer lag dat om bekende redenen zelfs gevoeliger dan ooit. Logisch. Toch zou die achterban er dan goed aan doen haar bijbel wat beter te lezen. Daar staat zwart op wit dat deze wereld in het boze ligt, erger nog, de boze daar ‘overste’ is. Niet echt een plek dus waar ruimte is voor wat in Gods naam te berde wordt gebracht. In zo’n klimaat is ieder akkoord, waardoor het goede bevorderd en het kwaad beteugeld wordt (zelfs het slapste compromis als er niet méér in zit), winst. Een teken van de Levende in een godvergeten wereld.

Méér dan zo’n teken hier en daar valt niet te verwachten. Want al is aan Hem het eerste en laatste woord, tot Zijn komst en de doorbraak van Zijn wereldwijde zeggenschap, is het hoogste woord aan andere stemmen. Het is niet anders. Een wonder als je daar midden- en tegenin iets klaarmaakt. Geen mens is het in ieder geval gegeven, ook een Segers en Schouten niet, vooruit te grijpen op het moment suprème ‘wat de Vader in Zijn eigen macht gesteld heeft’. Tot dan blijft elk akkoord stukwerk, waarmee de achterban het heeft te doen, wat er in haar ogen ook aan mankeert. In geloof dat het aan de hemel is in hoeverre het recht van ‘dáár en dan’ in het ‘hier en nu’ gerealiseerd wordt.

Respect intussen voor allen die in het Haagse zoveel mogelijk kastanjes uit het vuur proberen te halen, zelfs als ze daardoor bij de achterban hun vingers branden.

Paul Visser